zondag 29 januari 2012

Routa del spondylus of de Routa del sol is de befaamde route die je langs alle playa's van Ecuador leidt en natuurlijk is Esmeraldas als kustprovincie daar een groot deel van. Op de algemene vragen die mij gesteld worden; "hoe is het daar" en "wat doe je daar allemaal" is er steevast maar een antwoord; zon, zee en strand, dus hier een overzichtje van de plaatsen waar ik mijn tijd besteed, de routa del sol aftastend.

Vlak aan het centrum ligt Las Palmas, een klein schattig strandje waar 's ochtens voetballers en joggers rondrennen en je op de smalle zandstrook tussen felgroene heuvels en helblauwe wateren richting het zuiden kan wandelen en getuige kan zijn van prachtige zonsondergangen -maar je durft je fototoestel niet uit te halen om het vast te leggen- tot je de stenenverzameling bereikt vanaf waar de toegang verboden is en een legerpost je staat op te wachten om dat duidelijk te maken. Achttien kilomer verder komen we aan in Tonsupa, een relatief ordelijk en schijnbaar rijk strandje waar appartementsgebouwen verstoppertje spelen met de wolken, vollebak massages, zonnebrillen en dure cocktails worden aangeboden en buitenlandse gepensioneerden in alle rust hun dagen slijten. Natuurlijk zou het Ecuador niet zijn als er langs die luxe geen krottenwoningen woekerden en die tegenstelling zorgt ervoor dat tijdens wandelingen langs de kustlijn de kans groot is dat er mannen met messen van achter de huisjes -lees houtverzamelingen- tevoorschijn komen om de balans van de bezittingen een beetje meer in evenwicht te brengen. Nu zijn we nog maar enkele kilometers verwijderd van het befaamde partybeach dat hier mijn tweede thuis genoemd wordt, Atacames, het middelpunt van het universum der zottigheid. Nog een paar minuutjes verder bereiken we Sua, een strandje zo rustig dat zelfs de zee amper beweegt, ingesloten tussen twee rotspartijen. Wanneer we nog een uurtje op de bus zitten stappen we uit in Tonchigue waar als eerste de felblauwe visserbootjes in ons zichtsveld vallen en daarachter doemen de kleine restaurantjes op die lustig ceviche -een befaamd costa gerecht, een soep met zeevruchten- en camarones -een soort reuzegarnalen- aanbieden. Even later is er Muisne, waar je alleen geraakt via een bootje, tamelijk verontrustend als je de capaciteit van die houtverzameling vergelijkt met het aantal personen die ze erin proppen, om dan aan de komen op een schattig winkelstraatje met drie winkeltjes, een bakker en een kapper en daar een motorfietsje te pakken om eindelijk een eindeloos leeg strand te bereiken. Met nog een paar uurtjes bus achter de rug bereiken we Mompiche, het strand van de toeristen en de backpackers, voor de toeristen is er het enorme luxueuze hotel Decameron, dat bekend staat als het een van de duurste hotels van Ecuador, en voor de backpackers zijn er talrijke houten hostelletjes waar er wordt gedoucht bij kaarslicht, wordt geluierd in hangmatten, vollebak surflessen worden aangeboden -met een beetje geluk gratis-, artisanales worden gefabriceerd door reizende kunstenaars en de meest diverse schelpenvondsten worden gedaan.

En zo leidt routa del sol je verder en verder Zuidwaards, telkens een nieuw strand met zijn eigen verassingen.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten